Geschiedenis Vredestein fabriek

verdestein-vrachtauto

LOOSDUINEN — De naam Vredestein is onlosmakelijk met Loosduinen verbonden. En nu

een nieuwe straatnaam naar het voormalige landgoed – en nog meer aan de welbekende rubberfabriek — wordt vernoemd, blijft die verbondenheid ook in de toekomst bestaan. Hoe is die naam ontstaan? Die is vast in de diepe middeleeuwen en na talloze verbasteringen ontstaan, zal bijna iedereen meteen veronderstellen. Mis: de naam is dit jaar op de kop af 80 jaar jong en werd verzonnen door… een eenvoudig vakman: schilder Tazelaar, die het hek voor een voorname villa in Loosduinen een verfje moest geven.

De schilder werkte in opdracht van de familie Van Heijningen, die een villa met bijbehorende tuinderijen bezat. De schilder zei tegen de eigenaar van de villa: ,,Op alle hekken van de tuinderijen hier staan namen. U moest Uw tuinderij toch ook maar een naam geven’’. De eigenaar zei: “Schilder er dan maar een naam op”. Dat heeft de heer Tazelaar gedaan en hij koos de naam Vredestein.

Aan de genoemde schilder danken we dus ook het feit dat Den Haag thans een “Laan van Vredestein” rijk is.  gelegen in het gebied dat begrensd wordt d

oor de Architect Wesstrakade -Architect Mutterskade – Houtwijklaan – Oude Haagweg. De gemeente keurde de naam van de laan op 29 oktober jongstleden goed. De laan herbergt eengezinswoningen, die tegen het einde van deze maand door de eerste bewoners worden betrokken.

De Laan van Vredestein herinnert aan een rijk stukje Haags en vooral Loosduinse geschiedenis. Was de naam Vredestein aanvankelijk alleen op een villa met tuinderijen van toepassing, al een jaar na het ontstaan van de naam dekte zij een lading, die haar beroemd zou maken: de rubberfabriek ,,Vredestein”, geboren op 6 november 1903 om 13 uur tijdens een telefoongesprek tussen de Heer Yssel de Schepper, directeur der Nederlansche Guttapercha Maatschappij en Ir. E.L.C. Schiff van het ingenieursbureau E.L.C. Schiff, die sedert 1895 samenwerkte met de Heer Bruyn Kops. Dit

was echter van korte duur. Het bedrijf was gevestigd in Delft en op 1 juli 1909 moest de fabriek aldaar worden ontruimd. Men zocht naar een geschikt terrein hetgeen werd gevonden door de tuinderij van de familie Van Heijningen aan te kopen. Het woonhuis, schuren en de leliekwekerij werden aangekocht en men kreeg het recht om in de schuren enkele machines op te stellen.

Het perceel was gunstig gelegen aan de Haagweg op een terrein van circa 21.00 m2, met verbinding te water aan de Loosduinse Vaart en aansluiting aan de lijnen der Westlandsche Stroomtramweg Mij.

Op 3 juli 1909 was de fabriek in bedrijf gegaan met acht man waarbij de werktijden werden vastgesteld van 7:15 uur ’s morgens tot 6:15 uur ’s avonds met slechts een uur rusttijd. Men begon in de beginperiode met hakjes te maken, maar dat bleek geen succes totdat Ir. Schiff besloot de hakjes voortaan van rubber te fa

briceren. Dir bleek een schot in de roos te zijn. Op 1 Augustus 1914 telde het bedrijf reeds 40 werknemers en in 1919 al 800 personen. De produktie werd uitgebreid met de fabricage van fiets- en autobanden, slangen e.d. Directeur Schiff moest zich melden voor militaire dienst, maar was enkele dagen later alweer op het fabrieksterrein met de mededeling: “Alle hens aan dek, wok moeten banden maken voor het leger”.

afficheVredestein

Voor het personeel kon in de eerste jaren nog niet veel gedaan worden. Wie langer dan vier weken ziek was kreeg geen salaris meer en moest zelf rond te zien komen. Tien jaar later was dit al anders en was er al sprake van “de Vereeniging tot Behartiging van de Belangen van het Vaste Personeel”. De achturige werkdag werd ingevoerd, er ontstond een garantiefonds waarbij werknemers die langer dan 13 weken ziek waren nog eens 13 weken een uitkering kregen van 40 procent van het standaardloon. Het personeel breidde zich uit tot wel vijfhonderd mensen Er kon geen raadsvergadering voorbij gaan zonder dat er een bouwaanvraag om uitbreiding gedaan werd. De toenmalige burgemeester H.W. Hovy was Vredestein gunstig gezind omdat het een levensbelang voor de gemeente Loosduinen was dat er zoveel mensen werk aan de winkel was. De vroegere villa van de familie Van Heyningen werd gebruikt als kantoor en daarachter groeide de fabriek tegen de verdrukking in.

 

Vlammenzee

Op 13 september 1934 ’s avonds om 23:15 uur voltrok zich voor Vredestein een grote ramp. Het grootste deel van het gebouwencomplex ging in een vlammenzee op. De oorlogsjaren een tijd van aflopende produktie omdat de toevoer van grondstoffen werd afgesneden. Dankzij Stamikol, een in Nederland gemaakt kunstrubber, bleef nog enige tijd een zeker produktiepeil gehandhaafd tot uiteindelijk algehele stilstand van de aanvoer ook stilstand in de fabriek tot gevolg had. De fabriek werd tevens gebruikt voor meubelopslagplaats van geëvacueerde landgenoten.

Reeds voor de oorlog warenplannen gemaakt om opnieuw autobanden te gaan fabriceren. Tijdens de oorlog werden deze plannen uitgewerkt en eind 1945 vertrok Ir. Schiff naar Amerika om contacten te leggen met een der grootste autobandenfabrieken in Akron. In 1946 werd een dochtermaatschappij opgericht met medewerking van de B.F. Goodrich Company. De produktie van autobanden verliep voorspoedig, in Doetinchem werden alleen fietsbanden en in de vestiging van Enschede autobanden gefabriceerd. Reeds in 1953 kon de miljoenste band worden overhandigd.

In Loosduinen daarentegen werden onnoemelijk veel artikelen gemaakt. Terwijl laarzen, schoenen, pantoffels en huishoudelijks artikelen op voorraad gemaakt, produceerde men de overige artikelen slechts op bestelling. De mogelijkheden van rubber waren onbegrensd. Het personeelbestand liep direkt na de oorlog als gevolg van de wederopbouw snel op tot rond de 1300 medewerkers. Talloze produkten verlieten de fabriek, die aan z’n zoveelste uitbreidingen toe was. Van transportbanden voor de kolenmijnen, slangen voor industriële toepassing, olie-, los- en laadslangen tot flessendoppen, rubberpoten, tunnelafdichtingen en ga zo maar door werden er geproduceerd. De naam Vredestein werd verbonden aan grote projecten als tunnelbouw – denk aan de IJtunnel, Kiltunnel, Metro – maar ook tot ver over onze landgrenzen was Vredestein zeker geen onbekende. Door het wegvallen van de produktie voor de mijnen werd gezocht naar andere mogelijkheden die gevonden werd in de weg en waterbouw voor kades tot in Saudi-Arabië toe.

In de beginjaren zeventig brak de strijd uit tussen B.F. Goodrich en Good Year om het aandelenbezit Vredestein. De rechter moest er aan te pas komen om de winnaar aan te wijzen. Het werd Goodrich. Deze Amerikaanse rubbergigant had al een aandeel van 26 procent in de autobandenfabriek Vredestein Enschede die na de oorlog opgestart was met  steun van de Marshallhulp. Iedereen dacht dat met de inbreng van Amerikaanse “know how” Vredestein nog meer dan voorheen omhoog zou klimmen. Het tegendeel was waar. Het ging slechter en slechter met als gevolg dat de Amerikanen zich terugtrokken en het Vredesteinconcern met 4600 medewerkers aanboden aan de Nederlandse regering. De toenmalige regering zag het wel zitten met de Nederlandse Rubberindustrie en nam het aandelenpakket over. Maar er moest wel een herstructurering plaatsvinden hetgeen ook ging gebeuren. Overwogen werd fabrieken te sluiten of over te plaatsen. Een onzekere tijd brak aan. Loosduinen dicht, Heveadorp open. Wie herinnert zich niet het eindeloze gevecht van de Loosduiners om het behoud van hun Vredestein. Geknokt is er ook in de diverse raadsfracties van die jaren voor de werkgelegenheid, maar de klap kwam en hard ook. Vredestein Loosduinen ging dicht Een handvol personeel was slechts bereid om mee te gaan naar de nieuw te bouwen fabriek in Renkum. Veel vakmanschap ging verloren en het heeft Vredestein jaren gekost om het verloren terrein te herwinnen. Vredestein behoort nu tot de vier belangrijkste producenten in West-Europa op het gebied van kunststoffen voor professioneel gebruik.

Reünie

Nu nog komen er tientallen oud-Vredesteiners ieder jaar bij elkaar de niet meegegaan zijn naar Renkum. In het vroegere hoofdkantoor (tegenwoordig het AZIVO-gebouw) ontmoeten ze dan de vroegere collega’s die nu in andere Vredesteinvestigingen hun brood verdienen. Sommige met nog steeds een heimwee naar die fantastische Loosduinse Vredesteintijd. Vele verenigingen heeft Vredestein voortgebracht. Naast een voetbalclub van negen elftallen, volleybal, operette, toneel, filaterie, fotoclub, bridgeclub, klaverjasclub enz. Enkele van deze activiteiten bestaan nog steeds. Ook in het Loosduins museum, bij de molen, zijn nog vele herinneringen op te halen. Geopend op zaterdagmiddag van 14:00- 17:00 uur.

De vele jonge gezinnen die straks de Laan van Vredestein zullen bevolken hebben waarschijnlijk geen weet hoe jarenlang duizenden mensen op die grond hun brood hebben verdiend. Vandaar dat het een goede zaak is dat de naam van Vredestein opnieuw in Loosduinen terugkeert, als is het maar via een naambordje.

HAN NIEUWMANS (~1987 Loosduinse krant ? )

Ook op de site van Stichting Haags Industrieel Erfgoed (SHIE) staat nog een stuk over de fabriek.